Contact

Veel gestelde vragen

Over de hondenbescherming

Juridische/inhoudelijke vragen

Sinds wanneer bestaat de Hondenbescherming?

De Hondenbescherming werd in 1912 opgericht als 'Anti-Trekhonden Bond'. In die tijd bevonden zich in Nederland zo'n 80.000 trekhonden, die meestal een miserabel leven leidden. Door de inspanningen van de Bond verminderde in de loop van de jaren het aantal trekhonden, maar het zou tot 1962 duren voordat het gebruik van de hond als trekkracht wettelijk werd verboden. De vereniging had zich inmiddels ook ten doel gesteld het lot van de vele kettinghonden te verbeteren. Daarom werd in 1957 de naam gewijzigd in: 'Anti-Trek- en Kettinghonden Bond'. Toen ook voor deze honden door middel van regelgeving de situatie beter werd, besloot de vereniging zich voortaan voor alle honden in te zetten: in 1984 veranderde de naam in 'Bond tot Bescherming van Honden'. Uiteindelijk is ook deze naam veranderd in het meer moderne Hondenbescherming.

Waarom is de Hondenbescherming nodig?

'Honden hebben het tegenwoordig toch heel goed in Nederland?', zal menigeen vragen. Inderdaad, in een aantal opzichten is ons land 'beschaafder' geworden in de omgang met dieren. Maar aan de andere kant brengt onze hedendaagse maatschappij weer nieuwe vormen van dierenmishandeling met zich mee. Wat de honden betreft gaat het dan bijvoorbeeld om fokken en handelen uit louter winstbejag met alle ellende van dien (verwerpelijke huisvesting en behandeling van fokdieren, erfelijke ziektes, ongesocialiseerde en zieke pups), dierproeven, dieronvriendelijke methoden bij het trainen van honden, elektronische hulpmiddelen, het toenemende aantal erfelijk overdraagbare aandoeningen bij rashonden, enzovoort. Uiteraard blijven zich ook altijd gevallen van verwaarlozing en mishandeling voordoen, die vaak door onachtzaamheid of boosaardigheid, soms door onwetendheid worden veroorzaakt. De Hondenbescherming treedt op tegen mishandeling en verwaarlozing en probeert door voorlichting en beïnvloeding van wet- en regelgeving het welzijn van honden in Nederland te verbeteren. Daarnaast vangt ze in twee seniorenhuizen oude honden op en verleent ze financiële steun aan asielen en particulieren in situaties waar nodig.

Is de Hondenbescherming een onderdeel van de Dierenbescherming?

Nee, de Hondenbescherming is een zelfstandige vereniging met leden. De hond neemt een zeer belangrijke plaats in onze maatschappij. Honden vervullen een sociale functie. Uit onderzoek blijkt dat mensen die honden houden minder met stress gerelateerde klachten hebben dan mensen die geen honden houden. Veel gehandicapten, zoals slechtzienden en doven, zouden in de samenleving zonder de hulp van honden veel minder goed kunnen functioneren. Honden spelen een belangrijke rol in de hulpverlening en bij het handhaven van de openbare orde. Denk bijvoorbeeld aan de honden die worden ingezet bij het opsporen van mensen die zijn vermist of die getroffen zijn door een ramp. Gezien deze bijzondere positie van de hond in de maatschappij dienen de belangen van de hond te worden behartigd door een aparte vereniging. Dit is tevens het verschil met de Dierenbescherming. De Dierenbescherming is een algemene dierenbeschermer, waarbij ze dus hun aandacht moeten verdelen over veel verschillende soorten.

Hoe is de Hondenbescherming georganiseerd?

De Hondenbescherming is een landelijke vereniging met ongeveer 4000 leden. Deze worden van alle activiteiten op de hoogte gehouden door middel van het nieuwsmagazine 'Hond', die drie maal per jaar verschijnt. Kijk voor meer informatie over de organisatie op de pagina De vereniging.

Wat wil de Hondenbescherming bereiken?

Het uitgangspunt van de Hondenbescherming is 'verantwoord hondenbezit'. Dit houdt in dat honden gehouden worden op een manier die leuk is voor:
  • de hond
  • de baas
  • en de omgeving
Dit trachten we te bereiken door voorlichting, het uitgeven van folders en nieuwsmagazines, telefonisch advies, boekjes etc.

Is de Hondenbescherming erkend door het CBF?

Ja, de Hondenbescherming is erkend door het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF). Het CBF ziet er op toe dat de werving van fondsen en de voorlichting die in dat kader wordt gegeven op verantwoorde wijze plaats vindt. De Hondenbescherming wordt jaarlijks getoetst op punten als bestuur, beleid, fondsenwerving, bestedingen en verslaglegging. Met de toekenning van het CBF-keur kan iedere hondenliefhebber ons met nog meer vertrouwen een financieel steuntje in de rug geven.

Hoe zit het met de inspectiediensten?

Er zijn in Nederland drie inspectiediensten die zich bezighouden met de naleving van dierenwelzijnwetten. De Inspectiedienst Gezelschapsdieren (IDG) is een inspectiedienst die in stand wordt gehouden door de Hondenbescherming. De Algemene Inspectiedienst (AID) is de inspectie- en opsporingsdienst van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). De Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) is een stichting en heeft nauwe banden met de Dierenbescherming.

Waarvoor kan ik de IDG benaderen?

U kunt de Inspectiedienst Gezelschapsdieren (IDG) benaderen bij meldingen of klachten over mishandeling en/of verwaarlozing van honden en andere gezelschapsdieren. Klik hier voor de inspecteur van uw regio.

Aankoop - Het is beter om bij de koop van een hond gebruik te maken van een koopcontract. Maar wat moet er nu precies in zo'n contract staan?

In een koopcontract moeten algemene gegevens staan, zoals:
  • De gegevens van de koper (naam, adres, nummer van paspoort of rijbewijs).
  • De gegevens van de verkoper (naam, adres, nummer van paspoort of rijbewijs of registratienummer indien hij onder het Honden- en Kattenbesluit valt).
  • Informatie over de identiteit van de hond en de ouderdieren: geboortedatum, tatoeage- of chipnummer; indien de hond een stamboom heeft het nummer daarvan.
  • Het bedrag waarvoor de hond is gekocht.
  • De datum waarop de hond zal worden afgehaald (wettelijk minstens zeven weken na de geboorte).
  • Het adres waar de stamboom heen moet.
  • Wat er moet gebeuren als de hond onverhoopt komt te overlijden voordat de hond aan de koper is afgeleverd.
  • De verwachtingen van de koper en de kennisneming van de verkoper daarvan. En bepalingen met betrekking tot gezondheid en mogelijk aangeboren gebreken:
  • Gegevens over entingen (parvo en hondenziekte) en over ontworming.
  • Verklaringen over de gegevens (testuitslagen) waar de koper door de verkoper van op de hoogte is gesteld.
  • Een verklaring dat de hond geen uiterlijke of duidelijk waarneembare gebreken of afwijkingen heeft, of zo hij die wel heeft, welke.
  • De verplichtingen van de koper om binnen een bepaalde termijn de hond door een dierenarts te laten onderzoeken.
  • Aansprakelijkheidsregeling voor erfelijke afwijkingen die zich later manifesteren, met teruggave van maximaal de aankoopsom.
  • Regeling voor het geval de hond binnen een bepaalde periode onverwacht komt te overlijden.
  • Teruggavenregeling.
  • Zonder teruggave: schadevergoedingsregeling.
  • Verplichting om eerst de fokker op de hoogte te stellen al er iets aan de hand is.
Een koopcontract is niet meer dan een stuk papier waarin informatie en afspraken over de aankoop van een hond schriftelijk worden vastgelegd. Als het goed is verdwijnt het papier in een la, maar als het misgaat kunt u er wel op terugvallen. Een koopcontract garandeert niet dat de hond gezond is, maar geeft zowel de fokker als de koper meer houvast bij problemen.

Aankoop - Bij het zoeken naar een hond zag ik een advertentie waarin iemand hondjes aanbiedt van 6 weken oud. Dat lijkt me erg jong. Ik vroeg me daarom af of dat ook wettelijk mag?

Nee, dat mag niet op grond van het 'Besluit scheiden van dieren'. Op grond van dit besluit mogen jonge honden pas op de leeftijd van 7 weken bij de moeder weg worden gehaald. Eerder weghalen is verboden en kan zeer nadelige gevolgen hebben voor het welzijn van de hond. Er zijn aanwijzingen dat hondjes die op jongere leeftijd worden weggehaald, later gedragsproblemen gaan vertonen.

Aankoop - De hond die ik heb gekocht is ziek. Wat zijn mijn rechten als koper?

De Nederlandse wetgever ziet een hond (net als elk ander dier) als een zaak. Bij de koop en verkoop van een hond is meestal het consumentenrecht van toepassing. Dit omdat bij de aankoop van een hond de fokker geacht wordt deskundiger te zijn dan de koper. Bij een koopovereenkomst dient de geleverde zaak (de hond) de eigenschappen te hebben, die de koper voor een normaal gebruik mag verwachten. Juridisch spreek je dan over de conformiteiteis. Vertaald naar de koop van een hond wil dit zeggen dat de gekochte hond moet voldoen aan de eisen die normaal gesproken aan een hond kunnen worden gesteld. Een normale verwachting is bijvoorbeeld dat de hond gezond is, zodat hij een hondenleven lang mee kan.

Omdat een hond een levend wezen is kan de verkoper nooit 100% garanderen dat de hond gezond is en blijft. De verkoper moet echter wel kunnen aantonen dat hij er alles aan heeft gedaan om te zorgen dat de hond gezond is. De fokker moet bijvoorbeeld goed uitzoeken welke gebreken binnen het desbetreffende hondenras voorkomen en er voor zorgen dat de ouderdieren daar geen last van hebben. Afhankelijk van het erfelijke gebrek kunnen daarvoor verschillende onderzoeken worden uitgevoerd, bijvoorbeeld onderzoek naar heupdysplasie (HD) of andere gewrichtsafwijkingen, oogonderzoek en soms zelfs bloedonderzoek. En natuurlijk moet de fokker ervoor zorgen dat het de pups aan niets ontbreekt, dus dat de pups alle benodigde inentingen en ontwormingskuren krijgen en naar behoren worden verzorgd. De fokker heeft dus een vrij uitgebreide zorgplicht.

In het consumentenrecht is de rechtspositie van de koper vrij sterk en geldt een minimale garantietermijn van een half jaar die eveneens van toepassing is op dieren en planten. Het gevolg van deze garantietermijn is, dat er op de verkoper van de pups een zogenaamde omgekeerde bewijslast geldt gedurende de eerste zes maanden na verkoop. Dit houdt in dat als er iets is met de gekochte pup, de fokker moet bewijzen dat dit het gevolg is van het verwijtbaar handelen van de pupkoper. In plaats van dat de koper het bestaan van het gebrek ten tijde van de koop moet bewijzen. Dit is voor de verkoper of fokker een moeilijke bewijslast, die de positie van de koper aanzienlijk versterkt.

Als een hond niet aan de overeenkomst beantwoordt, dan is het verhaal eigenlijk: geld terug, hond terug. Juridisch spreek je dan van ontbinding van de koopovereenkomst. Maar normaalgesproken zijn mensen erg gehecht geraakt aan hun hond en willen deze niet terug geven. Er kan dan worden afgesproken dat de koper de hond houdt en een deel van de aankoopkosten terugkrijgt. De koper van een zieke hond maakt op grond van het consumentenrecht dus een redelijke kans op vergoeding van de aanschafkosten of althans een deel daarvan.

Om de kans van slagen groter te maken dat de verkoper de dierenartskosten (juridisch beschouwd 'vervolgschade') moet betalen, is het vereist dat naast de vaststelling dat bij de gekochte hond essentiële eigenschappen ontbreken, vast komt te staan dat de tekortkoming de verkoper kan worden toegerekend. Het gaat dan om het beoordelen van de mate waarin het geconstateerde gebrek door de verkoper voorzienbaar had moeten zijn. Belangrijk hierbij is door de verkoper in acht genomen zorgvuldigheid. Een verkoper die kan aantonen van tevoren alles te hebben gedaan om ervoor te zorgen dat de hond zo gezond mogelijk is (onder andere door het testen van de ouderdieren), zal niet zonder meer aansprakelijk kunnen worden gesteld.

Naast de uitgebreide zorgplicht van de fokker speelt ook de zorgvuldigheid van de koper een belangrijke rol. Op de koper rust een zogeheten onderzoeksplicht. Als iemand bijvoorbeeld een rashond wil kopen, dan rust op de koper de verplichting om zich van te voren te verdiepen in dit ras en de bij dit ras voorkomende erfelijke gebreken. Een koper weet dan naar welke gezondheidsproblemen hij moet vragen. De koper moet ook vragen om zoveel mogelijk schriftelijke bevestigingen van de antwoorden van de fokker. De op de koper rustende onderzoeksplicht brengt ook een zekere zorgvuldigheid met zich mee. Dit betekent dat de koper actief op zoek moet gaan naar een betrouwbare fokker, en niet een hond koopt bij de eerste de beste fokker.

Om een tijdrovende en geldverslindende procedure tussen koper en fokker te voorkomen, is het raadzaam om bij de koop van een hond een deugdelijk koopcontract te gebruiken. Met een goed opgesteld koopcontract, dat de rechten en plichten van fokker en koper eerlijk verdeeld, zijn veel problemen vaak zonder tussenkomst van de rechter te voorkomen.

Aankoop - Mogen dierenwinkels honden verkopen?

Helaas is de verkoop van hondjes door dierenwinkels niet verboden. De Hondenbescherming is tegen de verkoop van pups door dierenwinkels. Deze honden zijn vaak afkomstig van grootschalige fokkers, die het niet zo nauw nemen met het welzijn van de honden. Bovendien zijn de omstandigheden waaronder de pups in dierenwinkels zich bevinden verre van ideaal. Er zijn wel wettelijke vereisten waaraan men moet voldoen. Iedereen die bedrijfsmatig met honden en katten werkt valt onder het zogeheten Honden- en Kattenbesluit (HKB), ook dierenspeciaalzaken. Hierin staan onder meer concrete huisvestingseisen. Verder is het zo dat honden en katten in de bedrijfsmatige inrichtingen goed verzorgd moeten worden. Om dit doel te bereiken, is vastgelegd dat de beheerder in het bezit moet zijn van een erkend bewijs van vakbekwaamheid. Helaas staat er geen bepaling in met betrekking tot het socialiseren van honden in het HKB. De Hondenbescherming dringt hier wel op aan bij het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV).

Aankoop - Waar moet ik op letten als ik een hond wil kopen?

Allereerst raden wij toekomstige hondeneigenaren aan zeer voorzichtig te zijn met advertenties in de krant/internet e.d., waarin honden te koop worden aangeboden. Het gaat dan namelijk vaak om grootschalige fokkers, waar honden bij tientallen of soms honderdtallen gehouden en gefokt worden. Het gaat deze fokkers vaak alleen om het maken van winst. Zij nemen het niet zo nauw met het welzijn van de honden. Let daarom op de volgende punten bij het zoeken naar een goede fokker:
  • Een goede fokker zorgt ervoor dat de pups optimaal gesocialiseerd zijn. Dat betekent dat de pups in de huiskamer opgroeien, dat er veel mee wordt gedaan en dat de pups te maken krijgen met veel positieve ervaringen.
  • Een goede fokker zorgt voor ruime voorlichting aan kopers. Deze voorlichting gaat over aanschaf, voeding, verzorging, opvoeding en karakter van het jonge hondje.
  • Een goede fokker is meestal aangesloten bij een rasvereniging, maar neemt zelf verantwoordelijkheid met betrekking tot het voorkomen van gezondheidsproblemen.
  • Bij een goede fokker mag u langskomen voor informatie zonder dat u direct een hond moet kopen. Een goede fokker zal dit zelfs toejuichen, want goede informatie over het ras, de hond en de fokker is zowel in het belang van de koper als van de hond.
  • De moederhond woont bij de fokker en is natuurlijk in een goede conditie.
  • Een goede fokker is altijd bereid en in staat om de nieuwe eigenaren te begeleiden na opname van de hond. De nieuwe eigenaar kan met alle vragen en problemen terugvallen op de fokker.
  • Een goede fokker adviseert over te volgen gehoorzaamheidscursussen en trainingen.
  • Een goede fokker maakt gebruik van een koopcontract.
  • Een goede fokker verkoopt geen honden via de telefoon, maar eist dat de nieuwe eigenaar eerst langskomt.
  • Een goede fokker garandeert niet dat de pup gezond zal zijn. Alhoewel een fokker er alles aan kan en moet doen om erfelijke gebreken te voorkomen, is garantie op gezondheid niet te geven (net als bij mensen!).

Aankoop - Wat doen jullie tegen de zogeheten broodfokkers?

Wettelijk zijn deze hondenhandelaren, die vaak te herkennen zijn aan advertenties waarin veel rassen worden aangeboden, moeilijk aan te pakken. We geven daarom ook veel voorlichting om aspirant hondenbezitters te waarschuwen tegen dergelijke handelaren. We kunnen het niet vaak genoeg herhalen: koop NOOIT een hond bij een grote fokker!

Verder zouden de malafide fokkers wettelijk streng moeten worden aangepakt. Het zou heel goed zijn als er in de wet expliciet voorschriften worden opgenomen met betrekking tot de socialisatie van bedrijfsmatig gehouden honden. Een fokker die verantwoordelijk met zijn nesten omgaat, zal ervoor zorgen dat het de pups in het socialisatieproces aan niets ontbreekt. Daarnaast pleiten we tezamen met een groot aantal dierenwelzijnsorganisaties al jaren voor een algehele identificatie- en registratieplicht (I&R) voor honden. Zodra alle honden zijn geïdentificeerd en geregistreerd, zullen patronen zichtbaar worden en zijn de sporen naar ouderdieren en fokkers te herleiden.

Een alternatief is een vergroting van de handhavingcapaciteit van het aantal opsporingsambtenaren op het gebied van dierenwelzijn.

Aankoop-Ik heb in België een puppy gekocht en die is na een paar dagen overleden. Bij wie kan ik daarvan melding doen?

Omdat u uw pup in België heeft gekocht, kunnen de inspecteurs van de Hondenbescherming of de Dierenbescherming daar niet controleren.

Uw melding kunt u doen aan de Belgische Dierenbescherming: http://home.scarlet.be/~ds964938/activiteiten/inspectie.html
en aan Gaia, ook een Belgische Dierenbeschermingsorganisatie: www.gaia.be/ned/control.php?&topgroupname=&groupname=faq#.

Ga op deze laatste website naar 'Wat moet ik doen als ik een hond/kat gekocht heb in een winkel of bij een kweker/fokker en het dier wordt kort na de aankoop ernstig ziek'. Hier geeft men aan wat u dan kunt doen.

Voorkom dat u in België, Nederland of een ander land een pup koopt van een fokker die onverantwoord met zijn dieren omgaat! Alleen zo kunnen we dit leed stoppen.
Lees meer op de pagina 'Aanschaf' = http://www.hondenbescherming.nl/hond/hondeninformatie/22/aanschaf.

Afscheid - Mijn hond is overleden en nu wil ik hem graag in mijn eigen tuin begraven. Mag dat?

Het begraven van de dode hond in de tuin mag. Dit volgt namelijk uit artikel 2.13 lid 2 van de Regeling Dierlijke Bijproducten. Op grond van dit artikel mogen dode gezelschapsdieren worden begraven op het terrein dat ter beschikking staat van de eigenaar of houder van desbetreffende dode dieren of op een terrein dat daarvoor door Burgemeester en Wethouders is aangewezen. De Regeling Dierlijke Bijproducten is van kracht geworden op 1 januari 2008 en is onder meer een uitvloeisel van artikel 81c van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (GWWD).

Couperen - Mogen honden eigenlijk worden gecoupeerd?

Nee, in Nederland geldt een wettelijk coupeerverbod ten aanzien van oren en staarten. Het is dan ook niet toegestaan met gecoupeerde honden deel te nemen aan tentoonstellingen, keuringen of wedstrijden. Ook het verhandelen van dieren met gecoupeerde staarten en oren is verboden. Afgezien van het feit dat couperen onnodig hondenleed veroorzaakt zijn oren en staart belangrijke communicatiemiddelen tussen honden onderling.

Dierenarts - Ik ben helemaal niet tevreden over hoe mijn hond bij de dierenarts is behandeld. Kan ik hierover een klacht indienen?

In Den Haag is het Veterinair Tuchtcollege gevestigd. Het is een onafhankelijk rechterlijk college, waar u terecht kunt met een klacht over de diergeneeskundige behandeling van uw huisdier. Degene die rechtstreeks in zijn/haar belang is getroffen, zoals de eigenaar of de verzorger van een dier, kan een klacht indienen.

Voor meer informatie kunt u het beste even contact opnemen met het Veterinair Tuchtcollege. Het adres van het Veterinair Tuchtcollege is Postbus 90426, 2509 LK te Den Haag. Het telefoonnummer is 070-3495858.

Gemeente - De gemeente heeft besloten om een populair uitrengebied voor honden te sluiten. Wat kunnen wij als hondenbezitter hier tegen in brengen?

U kunt als belanghebbende bezwaar en/of beroep instellen tegen het besluit van de gemeente. Voor de wijze waarop en binnen welke termijn kunt u het beste even contact opnemen met uw gemeente.

Verder kunt u met een aantal andere hondenbezitters een brief sturen naar de gemeenteraad waarbij u het besluit van de gemeente om het uitrengebied te sluiten aan de kaak stelt. U kunt in uw schrijven als optie aangeven dat u in samenspraak met de gemeente een burgerwerkgroep en/of klankbordgroep van hondenbezitters zou willen formeren die in samenspraak met de verantwoordelijke persoon van de gemeente zich buigt over het gevoerde hondenbeleid. Het zou immers het mooist zijn als een beleid tot stand komt door middel van de dialoog, zodat zoveel mogelijk partijen zich in het uiteindelijk te realiseren hondenbeleid kunnen vinden.

Gemeente - Ik moet in mijn gemeente hondenbelasting betalen en een kennis van mij in een andere gemeente niet? Kan dat zomaar?

Ja, dat is mogelijk. Een gemeente heeft de keuze om wel of geen hondenbelasting te heffen. Hierdoor kan inderdaad de situatie ontstaan dat in de ene gemeente wel hondenbelasting wordt geheven en in een andere gemeente niet. Daarbij komt dat gemeenten ook vrij zijn in het bepalen van de hoogte van het belastingtarief. Overigens is de hondenbelasting geen doelbelasting. Dit betekent dat de gemeente vrij is om de bestemming van de geheven belasting te bepalen.

Gemeente - Mogen hulphonden geweigerd worden in winkels?

Ja, helaas mag dat. Winkels kunnen namelijk zelf regels stellen ten aanzien van het wel of niet toelaten van hulphonden. Ze kunnen dus zelf hun beleid ten aanzien van de toegankelijkheid vaststellen.

Bij het weigeren is het in onze optiek toch zinvol om hiervan aangifte te doen op grond van de bepaling in het Wetboek van Strafrecht dat discriminatie wegens een functiebeperking strafbaar stelt. Het valt namelijk te beargumenteren dat een hulphond beschouwd moet worden als een verlengstuk van de persoon met een functiebeperking. De hond weigeren is dus de persoon weigeren en bijgevolg strafbaar. Mocht het Openbaar Ministerie (OM) de zaak voor de rechter brengen, dan is het interessant om te bezien hoe de rechter in voorkomend geval oordeelt. Temeer omdat er op dit punt geen uitspraken van rechters zijn.

Overlast - Als onze buren weg zijn, zit hun hond constant te blaffen. Wat kunnen we hier tegen doen?

Een allereerste stap is om te gaan praten met uw buren en aan te geven dat u last heeft van het blaffen. Het kan namelijk zo zijn dat de buren daar zelf geen weet van hebben en best bereid zijn om iets aan het probleem te doen. Een erkende gedragstherapeut kan dikwijls helpen om een oplossing te vinden. Mocht u al overleg hebben gevoerd en er blijkt weinig tot niets aan het geblaf te worden gedaan, dan kunt als u een huurwoning heeft zich wenden tot de verhuurder. Deze moet volgens het Burgerlijk Wetboek (BW) een ongestoord woongenot garanderen. De verhuurder is dus op zijn minst verplicht om een bemiddelende rol tussen u en de buren te vervullen. Bovendien zijn in veel huurcontracten of in het bijbehorende huishoudelijk reglement regels opgenomen ter voorkoming van lawaaioverlast.

De politie kan ook worden ingeschakeld. Het blaffen van de hond valt onder burengerucht. De politie kan hiertegen optreden op basis van de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV). In de APV is namelijk vaak een zogenaamd 'kapstokartikel' opgenomen waarmee burenlawaai kan worden aangepakt, dus ook geluidhinder door huisdieren.

Mocht dit alles geen soelaas bieden, dan is de laatste mogelijkheid om een procedure te starten tegen de buren. Het burengerucht is een aantasting van het woongenot, hetgeen een onrechtmatige daad oplevert. Laat u vooraf wel goed informeren door een rechtsbureau of eventueel uw rechtsbijstandsverzekering over de financiële risico's die verbonden zijn aan een juridische procedure. De kosten van een rechtszaak kunnen aanzienlijk zijn en succes is niet altijd verzekerd.

Om dit soort problemen te voorkomen adviseren wij aspirant-hondenbezitters om niet aan een hond te beginnen als deze veel van huis is of hele dagen werkt. Een hond die vaak alleen wordt gelaten, kan zijn eenzaamheid/frustratie uiten in de vorm van blaffen en janken. Uiteindelijk hebben zowel de eigenaar als de hond geen baat bij een dergelijke situatie. De Hondenbescherming geeft ook diverse voorlichtingsfolders uit, waarin onder meer tips staan aan de eigenaar om geluidsoverlast van zijn/haar hond(en) te voorkomen.

Overlast - Er loopt hier in de wijk een hond los, kan dat zomaar?

Regels met betrekking tot loslopende honden zijn te vinden in de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente. Ten aanzien van loslopende honden staat meestal in de APV dat honden binnen de bebouwde kom aangelijnd moeten zijn.

Overlast - Mijn hond heeft schade veroorzaakt. Ben ik hiervoor aansprakelijk?

Ja, op dierenbezitters rust namelijk een risicoaansprakelijkheid. Dat wil zeggen dat op de eigenaar/houder van een dier een risicoaansprakelijkheid rust voor de door het dier veroorzaakte schade, inhoudende dat hij in principe ook aansprakelijk is voor de schade die het dier veroorzaakt wanneer hem ter zake geen enkel verwijt treft. Deze vorm van aansprakelijkheid brengt over het algemeen met zich mee dat de schade die een dier uit eigen energie veroorzaakt, voor rekening komt van de bezitter van het dier, veelal de eigenaar.

Overlast - Onze woningcorporatie deelt anti-blafbanden uit aan hondeneigenaren die met hun hond voor blafoverlast veroorzaken. Mag dat?

Helaas zijn anti-blafbanden niet verboden. De Hondenbescherming vindt dit een zeer slechte zaak en keurt het gebruik ervan ten zeerste af en wel om de volgende reden.

Anti-blafbanden veroorzaken pijn, stress en angst bij honden. De banden bestrijden enkel het symptoom (het blaffen), niet de oorzaak (de reden van het blaffen). De redenen waarom een hond hinderlijk blaft kunnen variëren. Bij probleemgedrag moet de individuele situatie goed worden bekeken om tot een oplossing te komen. Waarom blaft de hond? Is hij misschien de hele dag alleen thuis, omdat zijn eigenaren allebei de hele dag werken? Kan de hond niet alleen zijn, of is hij verveelt? Of verdedigt hij zijn territorium, zoals het blaffen tegen de kat van de buren die in de tuin zit.

Bij blafproblemen kan het beste contact worden opgenomen met een erkend gedragstherapeut. Met goede gedragstherapie voor honden kan gewerkt worden aan het wegnemen van de oorzaak van het blaffen. Om het probleem van blafoverlast diervriendelijk te lijf te gaan, zouden we graag zien dat woningcorporaties gedragstherapie adviseren.

Overlast - Wat moet ik doen als mijn hond door een andere hond is gebeten?

U kunt hiervan aangifte doen bij de politie op grond van artikel 425 lid 2 van het Wetboek van Strafrecht. Dit artikel stelt dat: Met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie wordt gestraft:

Lid 2: ‘hij die geen voldoende zorg draagt voor het onschadelijk houden van een onder zijn hoede staand gevaarlijk dier’.

Verder is de eigenaar van de bijtende hond aansprakelijk voor de ontstane schade op grond van dieraansprakelijkheid.

Ten slotte kan de gemeente maatregelen nemen ten aanzien van de bijtende hond door een muilkorf en/of aanlijnplicht op te leggen. De gemeente kan dit doen op grond van de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV). De APV bevat voorschriften die voor elke ingezetene van de gemeente gelden. Dit biedt de gemeente de mogelijkheid om maatregelen te treffen tegen overlast door dieren.

Pension/uitlaat - Ik wil een uitlaatdienst beginnen. Ik wil dit goed aanpakken en ik vroeg me daarom af of er ook richtlijnen zijn waar ik als uitlaatdienst rekening mee moet houden?

Ja, deze zijn er zeker. Kijk voor informatie op de website van de Belangenvereniging Hondenuitlaatservices Nederland.

De Hondenbescherming is van mening dat een uitlaatdienst rekening dient te houden met de volgende punten:

Maximaal vijf honden per geleider

Een goed geleider moet zijn honden onder controle houden, bij zich kunnen houden en alle honden altijd direct kunnen terugroepen.

De geleider houdt zijn honden weg bij andere honden. Een groep honden komt bedreigend over op individuele honden en kan zich anders gedragen als gevolg van een 'ganging up effect'.

Hondenpoep wordt opgeruimd, overige recreanten en wild worden niet gestoord

De afsluiting van veel recreatieterreinen voor honden gebeurt als gevolg van hondenpoepoverlast en het hinderen van andere recreanten en/of wild. Voorkom dat je aan de afsluiting van weer een mooi recreatiegebied bijdraagt!

Een gedegen opleiding en kennis van (honden)zaken als basis

Volg een erkende en goede opleiding tot hondenuitlater zodat je op je beroep bent voorbereid.

Pension/uitlaat - Ik wil graag een hondenpension beginnen. Welke wetgeving is op mij dan van toepassing?

Als u een hondenpension wilt gaan beginnen, moet u voldoen aan de bepalingen zoals die staan in het zogeheten Honden- en Kattenbesluit (HKB). Het HKB is namelijk van toepassing op het bedrijfsmatig in bewaring nemen van honden (en katten), zoals dat in asielen, pensions en crèches plaats vindt. In het HKB staan onder meer concrete bepalingen met betrekking tot de huisvesting van de honden en aan welke kwalificaties de beheerder van het bedrijf moet voldoen. Meer informatie over het HKB (brochures e.d.) kunt u krijgen bij het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV), website: www.minlnv.nl

Pitbull - Is de Pitbullachtige nog altijd verboden?

Nee, de Pitbullregeling op grond waarvan pitbullachtigen verboden waren, is op 1 januari 2009 ingetrokken. Ten aanzien van gevaarlijke honden kan nog altijd wel worden opgetreden op grond van zowel de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) als op grond van het Wetboek van Strafrecht. De APV maakt het namelijk mogelijk dat zowel de eigenaar als de bijtende hond kan worden aangepakt. Een gemeente kan bijvoorbeeld een muilkorf en/of aanlijngebod opleggen. Verder biedt artikel 425 van het Wetboek van Strafrecht de mogelijkheid op te treden tegen eigenaren van honden die hun hond ophitsen of onvoldoende terughouden.

Verwaarlozing - Wat als ik zie of weet dat een hond mishandeld en/of verwaarloosd wordt?

Een ieder die dierenleed signaleert, kan hiervan melding maken bij de inspectiedienst van de Hondenbescherming: de Inspectiedienst Gezelschapsdieren (IDG). In iedere provincie is een inspecteur werkzaam. {www.hondenbescherming.nl/hond/hoe-kan-ik-helpen/16/meld-hondenleed} De inspecteurs zijn voormalige leden van de Marechaussee, AID en politiekorpsen. Zij zijn vrijwilligers en hebben een grote affiniteit met dieren.

De inspecteurs werken aan de hand van de wettelijke bepalingen die op dit terrein gelden, zoals de Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren (GWWD). Zij treden op bij meldingen of klachten over verwaarlozing en/of mishandeling van dieren. Om het werk goed te kunnen uitvoeren hebben zij buitengewone opsporingsbevoegdheid (BOA) en kunnen, indien nodig, proces-verbaal opmaken. De IDG werkt nauw samen met de Regiopolitie, de Landelijke Inspectiedienst van de Dierenbescherming (LID) en de Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van Landbouw (AID).

Verzorging - Hoeveel honden mag ik in huis hebben?

Er staat nergens precies voorgeschreven hoeveel honden men mag houden in een woning. Het houden van het aantal honden kan wel begrensd worden door de mate van overlast die de honden kunnen veroorzaken. Hoe meer honden, hoe groter de kans dat omwonenden zich kunnen storen aan het eventueel blaffen etc. De gemeente c.q. de politie kan daartegen op grond van de APV wel optreden.

Verzorging - Ik zie af en toe nog wel eens een hond aan een ketting liggen, mag dat eigenlijk wel?

Ja, maar alleen als er wordt voldaan aan de wettelijke bepalingen van het zogeheten Waak- en Heemhondenbesluit. In dit besluit worden de eisen genoemd die gelden voor het houden van een waak- of heemhond. Deze eisen hebben betrekking op de honden die aan een ketting zijn vastgelegd of in een ren zijn ingesloten. Hierin staat bijvoorbeeld hoe lang en zwaar de ketting moet zijn en ook dat de hond over een tocht- en vochtvrij hok moet beschikken. Twijfelt u of aan de voorwaarden van het Waak- en Heemhondenbesluit wordt voldaan, neem dan contact op met onze inspectiedienst.

Verzorging - Mag een hond in de tuin verblijven?

Als een hond zo nu en dan een tijdje in de tuin verblijft, zonder voor overlast te zorgen, dan is dat geen probleem. Verblijft de hond echter hele dagen en nachten in de tuin, zonder dat de hond bijvoorbeeld kan schuilen voor slechte weersomstandigheden dan kan dit in strijd zijn met de bepalingen zoals die staan in het Waak- en Heemhondenbesluit. Hiervan kan melding worden gemaakt bij onze inspectiedienst.

Verzorging - Mogen windhonden los lopen?

Voor de beantwoording van deze vraag moet te rade worden gegaan bij de zogeheten Flora- en Faunawet. Deze wet bevat namelijk artikelen die gaan over de regulering van de jacht (zoals op welke diersoorten is de jacht toegestaan, onder welke voorwaarden etc.).

De Flora- en Faunawet geeft een opsomming van de middelen waarmee mag worden gejaagd. Dit lijstje geeft aan dat jagen, mits onder bepaalde voorwaarden, met honden is toegestaan, behalve als het 'lange honden' zijn. Uit de jurisprudentie blijkt dat onder 'lange honden' worden verstaan: windhonden en bastaardwindhonden. Een windhond is dus een ongeoorloofd jachtmiddel.

Daar komt bij dat de Flora- en Faunawet stelt dat diegene die zich met een lange hond in het veld bevindt ook daadwerkelijk aan het jagen is. Nu zullen de meeste windhondeneigenaren aangeven dat ze niet aan het jagen zijn. Echter, de wet stelt dat een hondenbezitter dit moet kunnen bewijzen. Er geldt dus een omgekeerde bewijslast. En dat bewijzen, is lang niet altijd eenvoudig. Zeker niet als je daarbij te maken hebt met een onwelwillende boswachter, die niet is overtuigd van het argument dat de desbetreffende windhond nooit achter het wild aangaat.

Het wetsartikel gaat er automatisch van uit dat een lange hond in het veld jaagt, maar wat verstaat de wet precies onder het begrip 'veld'? Onder de term 'veld' moet worden verstaan 'een voor de uitoefening van de jacht bestemd of geschikt terrein'. Een beetje natuurterrein zal hier dus al gauw onder vallen, in tegenstelling tot het groen binnen de bebouwde kom, zoals parken, perken en grasvelden. Op deze laatste terreinen is de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) van toepassing, die aangeeft waar een hond los mag lopen en waar niet. In de meeste gemeenten geldt voor het groen binnen de bebouwde kom een aanlijnplicht.

De sancties op het ongeoorloofd los laten lopen van windhonden zijn bijzonder zwaar. Het jagen met een ongeoorloofd jachtmiddel is een economisch delict met een maximale boete van €18.500. De wet geeft opsporingsambtenaren zelfs de bevoegdheid om 'stropende' honden die een onmiddellijk gevaar vormen voor andere dieren waarvan de instandhouding gewenst is, te doden (dit uiteraard alleen als de opsporingsambtenaren geen andere middelen ten dienste staan om het gevaar af te wenden).

Alhoewel het woord 'aanlijngebod' als zodanig niet wordt gebezigd in de Flora- en Faunawet kan, afgezien van misschien wat groenterrein binnen de bebouwde kom, gezien het bovenstaande niet anders worden geconcludeerd dan dat het wettelijk verboden is om een windhond los te laten lopen. Of een hondenbezitter zich aan dit verbod wil houden, is uiteindelijk een afweging die hij/zij zelf moet maken. Maar bij het negeren van dit verbod loopt een bezitter van een windhond wel aardig wat risico's.

Verzorging - Waar moet ik aan denken als ik mijn hond mee wil nemen op vakantie?

Niets is leuker om de hond mee te nemen op vakantie. We noemen ze niet voor niets gezelschapsdieren! Maar plan uw reis goed, zodat de hond er ook plezier aan beleeft en gezond de vakantie doorkomt. Blijvend in eigen land is het goed om bij uw vakantieadres te informeren of honden welkom zijn, en zo ja, informeert u dan ook naar de regels rondom hun aanwezigheid. Naar het buitenland reizend zijn er een aantal zaken waar u aan moet denken.

Vaccineren

De hond zal voor een buitenlandse vakantie moeten worden ingeënt tegen hondsdolheid (rabiës). Naast de inenting tegen rabiës moet de hond in sommige landen een bloedtest ondergaan en dient de eigenaar te beschikken over een gezondheidsverklaring. Ook zal de hond in veel landen geïdentificeerd moeten zijn. Voor een buitenlandse reis waarbij u de hond mee wilt nemen, dient u tijdig bij uw dierenarts te informeren waaraan uw hond moet voldoen in het land van bestemming. Voor meer informatie kunt u kijken op de website van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde: www.knmvd.nl/articles/715/AMGATE_7364_1_TICH_R212451210531/, onder het kopje Invoereisen hond/kat/fret. Vraag uw dierenarts naar de meest recente informatie.

Gevaarlijke ziekten

Naast het rekening houden met de regelgeving in het land van bestemming, dient er ook rekening te worden gehouden met het feit dat in populaire vakantielanden (landen rond de Middellandse Zee, maar zelfs ook in Midden-Frankrijk) ziekten voorkomen die dodelijk kunnen zijn voor de hond. De meest voorkomende ziekten zijn:

Babesiosis. Dit is een ziekte die wordt overgebracht door een tekenbeet. De ziekte tast de rode bloedcellen aan. Hierdoor kan de besmette hond bloedarmoede krijgen, lusteloos worden, en er kan geelzucht ontstaan. Verder heeft de hond koorts en plast een bruinrode urine.

Ehlichiose. Deze ziekte wordt eveneens door teken overgebracht. De besmette hond krijgt koorts, lusteloosheid en een verminderde eetlust. De hond kan bloedingen en pijn in de gewrichten krijgen.

Leishmania. De ziekte wordt overgebracht door zandvliegjes. De vliegjes brengen met hun beten de parasiet over van hond op hond. De ziekte komt voor rond de Middellandse Zee (Portugal, Zuid-Frankrijk). Honden die besmet zijn krijgen haaruitval rond de ogen en de bek, krijgen een schilferige huid, zweren op kop en poten en hebben kale plekken.

Leishmania kan zich pas na maanden of zelfs jaren bij de hond openbaren. De hond is niet preventief te behandelen tegen deze ziekte. De ziekte is moeilijk te bestrijden, omdat de vliegjes zo ontzettend klein zijn. De hond overlijdt of moet levenslang medicijnen krijgen.

Aan dit soort gevaren denk je niet direct bij het woord vakantie, maar het is toch zaak dat u hiervan op de hoogte bent als u van plan bent om met uw hond op vakantie te gaan. Vraag uw dierenarts naar de meest recente informatie.