Overlast - Als onze buren weg zijn, zit hun hond constant te blaffen. Wat kunnen we hier tegen doen?
De Hondenbescherming werd in 1912 opgericht als 'Anti-Trekhonden Bond'. In die tijd bevonden zich in Nederland zo'n 80.000 trekhonden, die meestal een miserabel leven leidden. Door de inspanningen van de Bond verminderde in de loop van de jaren het aantal trekhonden, maar het zou tot 1962 duren voordat het gebruik van de hond als trekkracht wettelijk werd verboden. De vereniging had zich inmiddels ook ten doel gesteld het lot van de vele kettinghonden te verbeteren. Daarom werd in 1957 de naam gewijzigd in: 'Anti-Trek- en Kettinghonden Bond'. Toen ook voor deze honden door middel van regelgeving de situatie beter werd, besloot de vereniging zich voortaan voor alle honden in te zetten: in 1984 veranderde de naam in 'Bond tot Bescherming van Honden'. Uiteindelijk is ook deze naam veranderd in het meer moderne Hondenbescherming.
'Honden hebben het tegenwoordig toch heel goed in Nederland?', zal menigeen vragen. Inderdaad, in een aantal opzichten is ons land 'beschaafder' geworden in de omgang met dieren. Maar aan de andere kant brengt onze hedendaagse maatschappij weer nieuwe vormen van dierenmishandeling met zich mee. Wat de honden betreft gaat het dan bijvoorbeeld om fokken en handelen uit louter winstbejag met alle ellende van dien (verwerpelijke huisvesting en behandeling van fokdieren, erfelijke ziektes, ongesocialiseerde en zieke pups), dierproeven, dieronvriendelijke methoden bij het trainen van honden, elektronische hulpmiddelen, het toenemende aantal erfelijk overdraagbare aandoeningen bij rashonden, enzovoort. Uiteraard blijven zich ook altijd gevallen van verwaarlozing en mishandeling voordoen, die vaak door onachtzaamheid of boosaardigheid, soms door onwetendheid worden veroorzaakt. De Hondenbescherming treedt op tegen mishandeling en verwaarlozing en probeert door voorlichting en beïnvloeding van wet- en regelgeving het welzijn van honden in Nederland te verbeteren. Daarnaast vangt ze in twee seniorenhuizen oude honden op en verleent ze financiële steun aan asielen en particulieren in situaties waar nodig.
Nee, de Hondenbescherming is een zelfstandige vereniging met leden. De hond neemt een zeer belangrijke plaats in onze maatschappij. Honden vervullen een sociale functie. Uit onderzoek blijkt dat mensen die honden houden minder met stress gerelateerde klachten hebben dan mensen die geen honden houden. Veel gehandicapten, zoals slechtzienden en doven, zouden in de samenleving zonder de hulp van honden veel minder goed kunnen functioneren. Honden spelen een belangrijke rol in de hulpverlening en bij het handhaven van de openbare orde. Denk bijvoorbeeld aan de honden die worden ingezet bij het opsporen van mensen die zijn vermist of die getroffen zijn door een ramp. Gezien deze bijzondere positie van de hond in de maatschappij dienen de belangen van de hond te worden behartigd door een aparte vereniging. Dit is tevens het verschil met de Dierenbescherming. De Dierenbescherming is een algemene dierenbeschermer, waarbij ze dus hun aandacht moeten verdelen over veel verschillende soorten.
De Hondenbescherming is een landelijke vereniging met ongeveer 4000 leden. Deze worden van alle activiteiten op de hoogte gehouden door middel van het nieuwsmagazine 'Hond', die drie maal per jaar verschijnt.
Kijk voor meer informatie over de organisatie op de pagina De vereniging.
Het uitgangspunt van de Hondenbescherming is 'verantwoord hondenbezit'. Dit houdt in dat honden gehouden worden op een manier die leuk is voor:
Ja, de Hondenbescherming is erkend door het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF). Het CBF ziet er op toe dat de werving van fondsen en de voorlichting die in dat kader wordt gegeven op verantwoorde wijze plaats vindt. De Hondenbescherming wordt jaarlijks getoetst op punten als bestuur, beleid, fondsenwerving, bestedingen en verslaglegging. Met de toekenning van het CBF-keur kan iedere hondenliefhebber ons met nog meer vertrouwen een financieel steuntje in de rug geven.
Er zijn in Nederland drie inspectiediensten die zich bezighouden met de naleving van dierenwelzijnwetten. De Inspectiedienst Gezelschapsdieren (IDG) is een inspectiedienst die in stand wordt gehouden door de Hondenbescherming. De Algemene Inspectiedienst (AID) is de inspectie- en opsporingsdienst van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. De Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) is een stichting en heeft nauwe banden met de Dierenbescherming.
U kunt de Inspectiedienst Gezelschapsdieren (IDG) benaderen bij meldingen of klachten over mishandeling en/of verwaarlozing van honden en andere gezelschapsdieren. Klik hier voor de inspecteur van uw regio.
In een koopcontract moeten algemene gegevens staan, zoals:
Nee, dat mag niet op grond van het 'Besluit scheiden van dieren'. Op grond van dit besluit mogen jonge honden pas op de leeftijd van 7 weken bij de moeder weg worden gehaald. Eerder weghalen is verboden en kan zeer nadelige gevolgen hebben voor het welzijn van de hond. Er zijn aanwijzingen dat hondjes die op jongere leeftijd worden weggehaald, later gedragsproblemen gaan vertonen.
De Nederlandse wetgever ziet een hond (net als elk ander dier) als een zaak. Bij de koop en verkoop van een hond is meestal het consumentenrecht van toepassing. Dit omdat bij de aankoop van een hond de fokker geacht wordt deskundiger te zijn dan de koper. Bij een koopovereenkomst dient de geleverde zaak (de hond) de eigenschappen te hebben, die de koper voor een normaal gebruik mag verwachten. Juridisch spreek je dan over de conformiteiteis. Vertaald naar de koop van een hond wil dit zeggen dat de gekochte hond moet voldoen aan de eisen die normaal gesproken aan een hond kunnen worden gesteld. Een normale verwachting is bijvoorbeeld dat de hond gezond is, zodat hij een hondenleven lang mee kan.
Helaas is de verkoop van hondjes door dierenwinkels niet verboden. De Hondenbescherming is tegen de verkoop van pups door dierenwinkels. Deze honden zijn vaak afkomstig van grootschalige fokkers, die het niet zo nauw nemen met het welzijn van de honden. Bovendien zijn de omstandigheden waaronder de pups in dierenwinkels zich bevinden verre van ideaal. Er zijn wel wettelijke vereisten waaraan men moet voldoen. Iedereen die bedrijfsmatig met honden en katten werkt valt onder het zogeheten Honden- en Kattenbesluit (HKB), ook dierenspeciaalzaken. Hierin staan onder meer concrete huisvestingseisen. Verder is het zo dat honden en katten in de bedrijfsmatige inrichtingen goed verzorgd moeten worden. Om dit doel te bereiken, is vastgelegd dat de beheerder in het bezit moet zijn van een erkend bewijs van vakbekwaamheid. Helaas staat er geen bepaling in met betrekking tot het socialiseren van honden in het HKB. De Hondenbescherming dringt hier wel op aan bij het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.
Allereerst raden wij toekomstige hondeneigenaren aan zeer voorzichtig te zijn met advertenties in de krant/internet e.d., waarin honden te koop worden aangeboden. Het gaat dan namelijk vaak om grootschalige fokkers, waar honden bij tientallen of soms honderdtallen gehouden en gefokt worden. Het gaat deze fokkers vaak alleen om het maken van winst. Zij nemen het niet zo nauw met het welzijn van de honden.
Let daarom op de volgende punten bij het zoeken naar een goede fokker:
Wettelijk zijn deze hondenhandelaren, die vaak te herkennen zijn aan advertenties waarin veel rassen worden aangeboden, moeilijk aan te pakken. We geven daarom ook veel voorlichting om aspirant hondenbezitters te waarschuwen tegen dergelijke handelaren. We kunnen het niet vaak genoeg herhalen: koop NOOIT een hond bij een grote fokker!
Omdat u uw pup in België heeft gekocht, kunnen de inspecteurs van de Hondenbescherming of de Dierenbescherming daar niet controleren.
Uw melding kunt u doen aan de Belgische Dierenbescherming
en aan www.gaia.be, ook een Belgische Dierenbeschermingsorganisatie
Ga op deze laatste website naar 'Wat moet ik doen als ik een hond/kat gekocht heb in een winkel of bij een kweker/fokker en het dier wordt kort na de aankoop ernstig ziek'. Hier geeft men aan wat u dan kunt doen.
Voorkom dat u in België, Nederland of een ander land een pup koopt van een fokker die onverantwoord met zijn dieren omgaat! Alleen zo kunnen we dit leed stoppen.
Lees meer op de pagina 'Aanschaf'
Het begraven van de dode hond in de tuin mag. Dit volgt namelijk uit artikel 2.13 lid 2 van de Regeling Dierlijke Bijproducten. Op grond van dit artikel mogen dode gezelschapsdieren worden begraven op het terrein dat ter beschikking staat van de eigenaar of houder van desbetreffende dode dieren of op een terrein dat daarvoor door Burgemeester en Wethouders is aangewezen. De Regeling Dierlijke Bijproducten is van kracht geworden op 1 januari 2008 en is onder meer een uitvloeisel van artikel 81c van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (GWWD).
Nee, in Nederland geldt een wettelijk coupeerverbod ten aanzien van oren en staarten. Het is dan ook niet toegestaan met gecoupeerde honden deel te nemen aan tentoonstellingen, keuringen of wedstrijden. Ook het verhandelen van dieren met gecoupeerde staarten en oren is verboden. Afgezien van het feit dat couperen onnodig hondenleed veroorzaakt zijn oren en staart belangrijke communicatiemiddelen tussen honden onderling.
In Den Haag is het Veterinair Tuchtcollege gevestigd. Het is een onafhankelijk rechterlijk college, waar u terecht kunt met een klacht over de diergeneeskundige behandeling van uw huisdier. Degene die rechtstreeks in zijn/haar belang is getroffen, zoals de eigenaar of de verzorger van een dier, kan een klacht indienen.
U kunt als belanghebbende bezwaar en/of beroep instellen tegen het besluit van de gemeente. Voor de wijze waarop en binnen welke termijn kunt u het beste even contact opnemen met uw gemeente.
Ja, dat is mogelijk. Een gemeente heeft de keuze om wel of geen hondenbelasting te heffen. Hierdoor kan inderdaad de situatie ontstaan dat in de ene gemeente wel hondenbelasting wordt geheven en in een andere gemeente niet. Daarbij komt dat gemeenten ook vrij zijn in het bepalen van de hoogte van het belastingtarief. Overigens is de hondenbelasting geen doelbelasting. Dit betekent dat de gemeente vrij is om de bestemming van de geheven belasting te bepalen.
Ja, helaas mag dat. Winkels kunnen namelijk zelf regels stellen ten aanzien van het wel of niet toelaten van hulphonden. Ze kunnen dus zelf hun beleid ten aanzien van de toegankelijkheid vaststellen.
Een allereerste stap is om te gaan praten met uw buren en aan te geven dat u last heeft van het blaffen. Het kan namelijk zo zijn dat de buren daar zelf geen weet van hebben en best bereid zijn om iets aan het probleem te doen. Een erkende gedragstherapeut kan dikwijls helpen om een oplossing te vinden. Mocht u al overleg hebben gevoerd en er blijkt weinig tot niets aan het geblaf te worden gedaan, dan kunt als u een huurwoning heeft zich wenden tot de verhuurder. Deze moet volgens het Burgerlijk Wetboek (BW) een ongestoord woongenot garanderen. De verhuurder is dus op zijn minst verplicht om een bemiddelende rol tussen u en de buren te vervullen. Bovendien zijn in veel huurcontracten of in het bijbehorende huishoudelijk reglement regels opgenomen ter voorkoming van lawaaioverlast.
Regels met betrekking tot loslopende honden zijn te vinden in de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente. Ten aanzien van loslopende honden staat meestal in de APV dat honden binnen de bebouwde kom aangelijnd moeten zijn.
Ja, op dierenbezitters rust namelijk een risicoaansprakelijkheid. Dat wil zeggen dat op de eigenaar/houder van een dier een risicoaansprakelijkheid rust voor de door het dier veroorzaakte schade, inhoudende dat hij in principe ook aansprakelijk is voor de schade die het dier veroorzaakt wanneer hem ter zake geen enkel verwijt treft. Deze vorm van aansprakelijkheid brengt over het algemeen met zich mee dat de schade die een dier uit eigen energie veroorzaakt, voor rekening komt van de bezitter van het dier, veelal de eigenaar.
Helaas zijn anti-blafbanden niet verboden. De Hondenbescherming vindt dit een zeer slechte zaak en keurt het gebruik ervan ten zeerste af en wel om de volgende reden.
U kunt hiervan aangifte doen bij de politie op grond van artikel 425 lid 2 van het Wetboek van Strafrecht. Dit artikel stelt dat: Met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie wordt gestraft:
Ja, deze zijn er zeker. Kijk voor informatie op de website van de Belangenvereniging Hondenuitlaatservices Nederland.
Als u een hondenpension wilt gaan beginnen, moet u voldoen aan de bepalingen zoals die staan in het zogeheten Honden- en Kattenbesluit (HKB). Het HKB is namelijk van toepassing op het bedrijfsmatig in bewaring nemen van honden (en katten), zoals dat in asielen, pensions en crèches plaats vindt. In het HKB staan onder meer concrete bepalingen met betrekking tot de huisvesting van de honden en aan welke kwalificaties de beheerder van het bedrijf moet voldoen. Meer informatie over het HKB (brochures e.d.) kunt u krijgen bij het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, website: www.minlnv.nl
Nee, de Pitbullregeling op grond waarvan pitbullachtigen verboden waren, is op 1 januari 2009 ingetrokken. Ten aanzien van gevaarlijke honden kan nog altijd wel worden opgetreden op grond van zowel de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) als op grond van het Wetboek van Strafrecht. De APV maakt het namelijk mogelijk dat zowel de eigenaar als de bijtende hond kan worden aangepakt. Een gemeente kan bijvoorbeeld een muilkorf en/of aanlijngebod opleggen. Verder biedt artikel 425 van het Wetboek van Strafrecht de mogelijkheid op te treden tegen eigenaren van honden die hun hond ophitsen of onvoldoende terughouden.
Een ieder die dierenleed signaleert, kan hiervan melding maken bij de inspectiedienst van de Hondenbescherming: de Inspectiedienst Gezelschapsdieren (IDG). In iedere provincie is een inspecteur werkzaam. www.hondenbescherming.nl/hond/hoe-kan-ik-helpen/16/meld-hondenleed. De inspecteurs zijn voormalige leden van de Marechaussee, AID en politiekorpsen. Zij zijn vrijwilligers en hebben een grote affiniteit met dieren.
Er staat nergens precies voorgeschreven hoeveel honden men mag houden in een woning. Het houden van het aantal honden kan wel begrensd worden door de mate van overlast die de honden kunnen veroorzaken. Hoe meer honden, hoe groter de kans dat omwonenden zich kunnen storen aan het eventueel blaffen etc. De gemeente c.q. de politie kan daartegen op grond van de APV wel optreden.
Ja, maar alleen als er wordt voldaan aan de wettelijke bepalingen van het zogeheten Waak- en Heemhondenbesluit. In dit besluit worden de eisen genoemd die gelden voor het houden van een waak- of heemhond. Deze eisen hebben betrekking op de honden die aan een ketting zijn vastgelegd of in een ren zijn ingesloten. Hierin staat bijvoorbeeld hoe lang en zwaar de ketting moet zijn en ook dat de hond over een tocht- en vochtvrij hok moet beschikken. Twijfelt u of aan de voorwaarden van het Waak- en Heemhondenbesluit wordt voldaan, neem dan contact op met onze inspectiedienst.
Als een hond zo nu en dan een tijdje in de tuin verblijft, zonder voor overlast te zorgen, dan is dat geen probleem. Verblijft de hond echter hele dagen en nachten in de tuin, zonder dat de hond bijvoorbeeld kan schuilen voor slechte weersomstandigheden dan kan dit in strijd zijn met de bepalingen zoals die staan in het Waak- en Heemhondenbesluit. Hiervan kan melding worden gemaakt bij onze inspectiedienst.
Voor de beantwoording van deze vraag moet te rade worden gegaan bij de zogeheten Flora- en Faunawet. Deze wet bevat namelijk artikelen die gaan over de regulering van de jacht (zoals op welke diersoorten is de jacht toegestaan, onder welke voorwaarden etc.).
Niets is leuker om de hond mee te nemen op vakantie. We noemen ze niet voor niets gezelschapsdieren! Maar plan uw reis goed, zodat de hond er ook plezier aan beleeft en gezond de vakantie doorkomt. Blijvend in eigen land is het goed om bij uw vakantieadres te informeren of honden welkom zijn, en zo ja, informeert u dan ook naar de regels rondom hun aanwezigheid. Naar het buitenland reizend zijn er een aantal zaken waar u aan moet denken.
De hond zal voor een buitenlandse vakantie moeten worden ingeënt tegen hondsdolheid (rabiës). Naast de inenting tegen rabiës moet de hond in sommige landen een bloedtest ondergaan en dient de eigenaar te beschikken over een gezondheidsverklaring. Ook zal de hond in veel landen geïdentificeerd moeten zijn. Voor een buitenlandse reis waarbij u de hond mee wilt nemen, dient u tijdig bij uw dierenarts te informeren waaraan uw hond moet voldoen in het land van bestemming. Voor meer informatie kunt u kijken op de website van het Landelijk Informatie Centrum Gezelschapsdieren. Of vraag uw dierenarts naar de meest recente informatie.
Naast het rekening houden met de regelgeving in het land van bestemming, dient er ook rekening te worden gehouden met het feit dat in populaire vakantielanden (landen rond de Middellandse Zee, maar zelfs ook in Midden-Frankrijk) ziekten voorkomen die dodelijk kunnen zijn voor de hond. De meest voorkomende ziekten zijn: