... Veel mensen zijn zich niet bewust van het feit dat honden net als mensen verschillende levensfasen doormaken. Toch kent een hond net als wij een ‘kindertijd’ (als pup), een ‘puberteit’, volwassenheid en met wat geluk een periode als ‘bejaard’ dier.
In een serie artikelen op deze website vertellen we u meer over belangrijke aspecten van gedrag, voeding & verzorging en beweging & activiteit binnen elke fase.
In dit eerste artikel gaan we in op gedrag van de pup.
Van pupje tot pup
Een pup ontwikkelt zich razendsnel. In de baarmoeder ligt hij tussen zijn broertjes en/of zusjes en ontwikkelen zijn organen zich. Als de pup geboren wordt, bestaat zijn gedrag vooral uit reflexen. Zo zoekt hij een tepel om te drinken en de warmte van zijn moeder. Als hij gescheiden raakt van het nest, gaat hij piepen. Zijn moeder zal hem dan meestal direct gaan halen. Hoewel de pup in eerste instantie nog niet kan zien en horen, maar alleen ruiken en voelen, leert hij al wel van gebeurtenissen. Terwijl zijn hersenen en lijf zich ontwikkelen en hij vaardigheden oefent, wordt zijn gedrag steeds complexer en kan hij steeds meer.
Waarom gewenning en socialisatie zo belangrijk zijn
Als iemand een pup neemt, dan hoopt hij dat deze vertederende pup een leuke kameraad voor het leven wordt. Hoe ‘leuk’ de hond later is, wordt voor een groot deel bepaald door zijn gedrag. Tegenwoordig vinden we onze honden het leukst als ze rustig en gehoorzaam zijn. Om als volwassen hond rustig om te kunnen gaan met alles wat in onze samenleving voorkomt, moet de hond als pup er op een rustige manier mee kennismaken.
Twee leerprocessen spelen daarbij een belangrijke rol. Aan de ene kant is er socialisatie, ‘sociaal worden’. Het houdt in dat een hond moet leren omgaan met andere wezens. Door in de eerste levensweken rustig en onder goede begeleiding om te gaan met mensen en andere dieren, leert de pup dat deze wezens erbij horen en hoe zij ‘praten’. Die ervaringen moeten onderhouden worden terwijl de pup opgroeit. Zo leert een pup die bij een kat in huis is, wat blazen van de kat betekent. Begrip van elkaars manieren van ‘praten’ kan bij honden en katten die samen opgroeien erg goed ontwikkeld raken. Er zijn zelfs aanwijzingen dat ze in die gevallen ‘gebruiken’ zoals begroetingswijzen van elkaar overnemen.
De pup leert bij mensen bijvoorbeeld wat lachen betekent. Als een hond zijn tanden ontbloot, is dit immers een heel anders signaal! Hoe belangrijk deze eerste periode is, blijkt ook bij honden die worden ingezet om kuddes te beschermen. Zij worden als jonge pup tussen de dieren uit deze kudde geplaatst, zodat ze deze als ‘familie’ gaan zien.
Behalve socialisatie, is er ook gewenning. Als (jonge) pup kan een hond makkelijk wennen aan allerlei zaken. Denk aan voorwerpen (kliko’s op straat, een stofzuiger), geluiden (knallen), gebeurtenissen (autorijden) en andere wezens. Hoe ouder de pup wordt, hoe lastiger dit wordt en op een gegeven moment is het zelfs niet meer mogelijk om echt helemaal ‘gewoon ‘ te worden met bepaalde zaken.
Gewenning is anders dan socialisatie omdat het hierbij gaat om ‘wennen’ en juist niet reageren. Terwijl het bij socialisatie meer gaat om het leren lezen van een ander wezen. Door socialisatie kan een hond leren wat de katse huisgenoot bedoelt als deze naar hem blaast. Door gewenning gaat de hond tijdens wandelingen buiten niet achter een voorbij rennende kat aan. Dat beeld is immers ‘gewoon’ voor de hond, dus waarom zou je er iets mee doen?
Gewenning zorgt er voor dat een hond minder angstig is, maar ook dat hij minder agressie toont en minder neigt tot jagen. Om gewenning goed te laten verlopen is het belangrijk dat een pup vroeg kennismaakt met alles wat hij later ‘gewoon’ moet gaan vinden. Daarnaast is het belangrijk dat het gewennen rustig verloopt. Wanneer je de pup laat wennen aan een kat, maar de pup probeert er alleen maar achteraan te rennen, dan leert hij niet de kat te negeren en deze ‘gewoon’ te gaan vinden, maar leert hij er juist achter aan te rennen. Een goede begeleiding bij het gewennen en socialiseren is daarom vaak onontbeerlijk.
Jonger geleerd is makkelijker gedaan
Over het algemeen geldt hoe jonger de pup ergens aan went, hoe makkelijker dit gaat. Daarom is het ook zo belangrijk dat een pup bij een goede fokker opgroeit. Daar beginnen de eerste belangrijke stappen al. (De gratis Pupchecklist.pdf van de Hondenbescherming helpt bij het selecteren van een goede fokker, vraag deze op via info@hondenbescherming.nl).
Een pup doormaakt in zijn puppytijd verschillende fasen. Een belangrijk aspect daarbij is dat de pup pas vanaf ongeveer zeven a acht weken angst kan gaan voelen en daarop reageren. Daarvoor herkent een pup nog geen gevaar. (Dat is ook waarom het zo belangrijk is dat een fokker in deze tijd al veel met de pup onderneemt. Omdathij er nog niet bang voor kan zijn, went hij er dus makkelijk aan.)
Wanneer een nieuwbakken eigenaar zijn hond in huis krijgt, is deze net beland in de fase waarin hij angst kan ervaren en daarop kan reageren. Een rustige en goede begeleiding is dus erg belangrijk. Een professionele hondenschool of – vereniging kan helpen om de eerste stappen met de pup samen goed af te leggen.
In maart en april leest u meer over voeding & verzorging en beweging & activiteit van pups, houd de website dus in de gaten. Of meld u aan bij een van onze sociale mediakanalen, dan kunt u het nieuws van deze website makkelijk volgen:
https://twitter.com/#!/IRvanHerwijnen
http://hondenbescherming.hyves.nl/
https://www.facebook.com/#!/pages/Hondenbescherming/220196321341854
Sinds kort kun je ons ook op Google+ vinden op de pagina 'De Hondenbescherming'.
